De ETF-Bubbel: is dat een realistisch gevaar?

Exchange Traded Funds, kortweg ETF’s, hebben de afgelopen jaren stormenderhand de beleggingswereld veroverd. Wat ooit begon als een handig instrument om brede spreiding tegen lage kosten te verkrijgen, is vandaag uitgegroeid tot een gigantische markt van duizenden producten, miljarden aan kapitaalstromen en een torenhoge populariteit onder zowel particuliere als institutionele beleggers. Maar waar succes komt, komt ook argwaan. Meer en meer stemmen op – van economen tot invloedrijke beleggers – die zich afvragen: bouwen we met z’n allen niet aan een bubbel? En als die klapt, wat dan?

etf-bubbel realistisch verhaal

Wat zijn ETF’s en waarom zijn ze zo populair geworden?

ETF’s zijn beleggingsfondsen die op de beurs verhandeld worden zoals aandelen. Je koopt ze net zo makkelijk als een aandeel van bijvoorbeeld Apple of KBC. Alleen vertegenwoordigt een ETF vaak een mandje van tientallen, honderden of zelfs duizenden aandelen, obligaties of andere activa. Denk aan de bekende S&P 500 ETF, waarin je in één keer exposure krijgt tot de vijfhonderd grootste Amerikaanse bedrijven.

Hun aantrekkingskracht is eenvoudig te verklaren: lage kosten, transparantie, dagelijkse verhandelbaarheid en brede spreiding. En dan hebben we het nog niet over de fiscale voordelen voor sommige beleggers. Geen wonder dat ETF’s steeds meer geld aantrekken. Waar traditionele actieve fondsen vaak kampen met uitstroom, zuigen ETF’s kapitaal aan als een Dyson-stofzuiger op turbo-modus.

Die eenvoud heeft ook een keerzijde. Want als iedereen hetzelfde product koopt – vaak passief en zonder veel analyse – dan krijg je vervormingen. Je stapt niet meer in bedrijven omdat ze ondergewaardeerd zijn, maar omdat ze toevallig in een index zitten. En daar begint de onrust.

Waarom spreken sommige experts over een bubbel?

De term “ETF-bubbel” komt niet uit de lucht gevallen. Critici maken zich zorgen over een aantal fenomenen die doen denken aan klassieke bubbelvorming. Eerst en vooral is er de massale toestroom van kapitaal. Passieve belegging is booming. Meer dan de helft van de beleggingen in Amerikaanse aandelenfondsen gebeurt inmiddels via ETF’s. In Europa ligt dat percentage wat lager, maar de trend is duidelijk.

Dat betekent ook dat heel veel kapitaal automatisch wordt gealloceerd op basis van marktkapitalisatie. Simpel gesteld: hoe groter een bedrijf is op de beurs, hoe meer kapitaal het krijgt van passieve fondsen. Dat leidt tot zogenaamde “prijs-insensitieve kopers”. Of met andere woorden: beleggers kopen niet omdat het goedkoop is, of omdat de vooruitzichten rooskleurig zijn, maar simpelweg omdat het in een index zit. Denk aan een robot die koopt, ongeacht de prijs.

Dat veroorzaakt prijsvervorming. Grote bedrijven zoals Apple, Microsoft of Nvidia profiteren disproportioneel van deze kapitaalstromen. Het gevolg? Ze worden nóg groter, terwijl kleinere bedrijven vaak genegeerd worden. Die vicieuze cirkel van “groot wordt groter” kan leiden tot overwaardering. En overwaardering is de meststof van een bubbel.

Een tweede probleem is de verwatering van indexen. Steeds meer ETF’s worden gestructureerd op nichemarkten: van ESG tot cannabisbedrijven of waterstof-innovatie. Maar waar leg je de grens tussen spreiding en speculatie? Sommige van deze ETF’s bevatten amper liquide of betrouwbare aandelen. Dat maakt ze kwetsbaar bij schokken. En als de onderliggende markt inzakt, verdwijnt het vertrouwen als sneeuw voor de zon.

Kan een crash van ETF’s het hele systeem onderuit halen?

Een veelgehoorde vrees is dat ETF’s bij een crash het systeem kunnen destabiliseren. Stel je voor: beleggers panikeren, verkopen massaal hun ETF’s, waardoor fondsen gedwongen worden om de onderliggende aandelen te verkopen. Dat drukt de koersen, wat leidt tot meer paniek, meer verkoop, enzovoort. Een negatieve spiraal die zichzelf voedt.

Bij sommige obligatie-ETF’s is dat risico niet puur theoretisch. De onderliggende obligaties zijn vaak illiquide. Denk aan bedrijfsobligaties of emerging markets. In normale tijden is dat geen probleem. Maar in stresssituaties kan het betekenen dat een ETF veel sneller daalt dan de werkelijke waarde van de onderliggende activa. Je krijgt dan een ‘decoupling’ tussen marktprijs en reële waarde. En dat is giftige cocktail op een slechte dag.

Toch moeten we het ook nuanceren. Veel aandelen-ETF’s zijn gebouwd op zeer liquide markten. Bedrijven in de S&P 500 zijn nu eenmaal makkelijk verhandelbaar. De echte risico’s schuilen eerder in de meer exotische varianten, of in ‘synthetische’ ETF’s die werken met derivaten in plaats van fysieke onderliggende waarden.

Bovendien: wie met gezond verstand belegt, weet dat elk financieel product risico’s heeft. ETF’s zijn daar geen uitzondering op. De sleutel ligt bij de investeerder zelf: begrijpt hij of zij waarin wordt belegd, en waarom? Of volgt men gewoon blind de kudde?

etf bubble

Zijn er signalen die wijzen op een nakende barst?

De grote vraag blijft natuurlijk: zien we vandaag signalen die wijzen op een bubbel die op springen staat? Dat is lastig. Bubbels zijn als donderwolken in de verte – je weet dat ze eraan komen, maar zelden weet je wanneer het begint te regenen.

Toch zijn er indicaties die op z’n minst de wenkbrauwen doen fronsen. De concentratie van kapitaal in een handvol aandelen is er daar één van. In 2024 vertegenwoordigde de ‘Magnificent 7’ – zeg maar de grootste Amerikaanse techreuzen – bijna 30% van de S&P 500. Die overweging wordt grotendeels versterkt door de passieve instroom via ETF’s. Maar wat als één van die giganten ontploft? Wat als een beurslieveling als Nvidia een tegenvallende kwartaalupdate geeft?

Daarnaast merken we dat sommige ETF’s steeds verder afdwalen van hun oorspronkelijke doel. Je hebt vandaag ETF’s die zwaar leunen op slechts enkele posities, of ETF’s die extreme leverage gebruiken om twee- of driemaal het rendement van een index na te bootsen. Dat zijn geen beleggingen meer, maar hefboomproducten met een mooi jasje. De kans dat dit soort producten als eerste instort bij een correctie, is reëel.

En dan is er nog het psychologische aspect. Beleggers hebben de neiging om euforie af te wisselen met paniek. Bij jarenlange stijgingen van ETF’s ontstaat een gevoel van onaantastbaarheid. “ETF’s zijn veilig”, hoor je dan. Of erger nog: “ETF’s kunnen niet crashen”. Die vorm van zelfverzekerdheid is historisch gezien zelden een goed teken. Vraag maar aan de fans van vastgoed in 2007 of dotcom-aandelen in 1999.

Hoe verstandig omgaan met ETF’s in een volatiele markt?

Er is geen reden tot paniek, maar wel tot waakzaamheid. Wie ETF’s gebruikt in een gebalanceerde portefeuille, weet dat hij niet automatisch alle risico’s uitschakelt. Integendeel: je spreidt wel, maar je volgt ook een index. En als die index barst, voel jij dat evengoed.

Een persoonlijke tip? Combineer passieve beleggingen met actief denkwerk. Gebruik ETF’s als onderdeel van je strategie, niet als je volledige strategie. Wees kritisch. Stel jezelf vragen als: “Wat zit er precies in deze ETF? Hoeveel weegt elk aandeel? Wat als de top 3 onderuitgaat?”

Daarnaast: beperk het gebruik van niche-ETF’s tot een klein percentage van je portefeuille. Ja, een ETF rond groene waterstof klinkt sexy, maar als die markt imploderen, wil je daar niet met je hele pensioenrekening inzitten. Hou het bij kernposities in brede indices zoals MSCI World of S&P 500, en vul eventueel aan met specifieke regio’s of sectoren die je begrijpt.

ETF’s zijn, op zich, niet de vijand. Ze zijn een hulpmiddel. Maar zoals met elk krachtig gereedschap: gebruik ze bewust, met kennis van zaken. Of zoals mijn grootvader altijd zei: “Een hamer kan je huis bouwen, maar ook je duim breken.”

thomas

Thomas

Thomas is een allround belegger met een brede interesse in ETF’s, aandelen en obligaties. Als auteur bij Beleggen for Dummies legt hij helder en gestructureerd uit hoe je een evenwichtige portefeuille kunt opbouwen, zelfs als je net begint. Met zijn analytische kijk en rustige stijl gidst hij lezers door de fundamenten van passief en actief beleggen. Hij gelooft sterk in spreiding, lange termijn denken en het belang van goede basiskennis. Thomas schrijft graag over strategieën voor financiële rust en deelt ook regelmatig tips over hoe je zelf een gespreide en duurzame beleggingsaanpak kunt ontwikkelen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *